dinsdag 18 februari 2014

Een gegeven

Wij zijn gegevens,
een verzamelingenleer
van dwarsverbanden.
Nooit eerder zijn wij
zo bijeen geweest,
dat is een gegeven.

Wij zijn vervreemden.
Vreemder zijn wij
nooit geweest, vreemdeling
vanzelf ooit vreemd genoeg
nooit meer zichzelf.

Wij zijn alleen nooit eerder
zo alleen met onszelf geweest.
Eenzaam zijn wij uitgedrukt,
dat is een gegeven, in een gegeven
dat ook alleen wordt weergegeven.

Het vooruitzicht

Februari lucht het hart wat lente vermag

verzadigd langzaam met gezang
een adempauze stopt nog witter

dan verwacht het warme nest waaraan
gesleuteld wordt door kiene kauwen

de roodborst schrokt nog vetter dan
merelpaar met koolmezen omstreden

de zon schort nog weleens op
trager licht een vage droom in

scheerlings doorgetrokken schaduw
tegen de wijzers van de klok

ontwaakt de lente in de verwelkte roos
waar winterlang de storm huishield

staakt nu de knop uitbottend stil
van slaap ontdaan het groene blad

smelt het sneeuwklokje blanker wit
naast nietsontziende winterakoniet

breekt alles uit de orkestrale kiemrust
ontwaak nu voor dag en dauw begint

ontsnapt een rups uit diepe rust wurmt
de worm de hoop weer uit de grond

het begint te leven voor maart uit nog
een laatste slag gedoogd met vorstverlet